Mensen staan dagelijks vroeg op om dit land draaiende te houden. Dan mogen zij ook van de overheid verwachten dat zij de dingen eenvoudig en begrijpelijk houdt.
Maar mensen komen om in de bureaucratie en ook onze economie heeft het daardoor moeilijk. Jaarlijks kost het ondernemers miljarden euro’s om aan alle wet- en regelgeving te voldoen. Dat remt innovatie en onze concurrentiekracht.
Onze toenmalige VVD-minister van Economische Zaken, Vincent Karremans, stelde daarom als doel om 500 regels die ondernemers in de weg zitten te schrappen of vereenvoudigen. Inmiddels zijn dat er 403. Met een lijst van de resterende 97 regels wil de VVD die doelstelling alsnog halen. Zo komt Nederland weer in zijn kracht.
1. Geen externe toetsing RI&E kantooromgeving
Nederland is het enige EU-land dat externe toetsing van de risico-inventarisatie en -evaluatie (RI&E) verplicht stelt, wat bedrijven jaarlijks naar schatting meer dan een half miljard euro kost. Zeker voor mensen die in kantoren werken is deze externe toetsing overkill. Neem dit beleid daarom op de schop.
2. Hervormen preventieve ontslagtoets
Een werkgever kan een werknemer in Nederland niet zelf ontslaan: vooraf is toestemming van het UWV of ontbinding door de kantonrechter nodig. Die preventieve ontslagtoets maakt de uitkomst van een ontslag zeer ongewis, ook wanneer een werkgever zich aantoonbaar heeft ingespannen. Hervorm daarom de preventieve ontslagtoets, zodat toetsing in beginsel achteraf plaatsvindt. In Zwitserland kan een werkgever de arbeidsovereenkomst in de meeste gevallen eenzijdig beëindigen en kan de werknemer dit achteraf bij de rechter aanvechten.
3. Aanpassing Wwft
In Nederland moeten ‘ongebruikelijke’ financiële transacties worden gemeld, in andere EU-landen vaak alleen ‘verdachte’ transacties. Inmiddels werken zo’n 13.000 Nederlanders bij banken aan deze controles, met lagere kredietverstrekking en hogere rentes op leningen voor Nederlanders tot gevolg. Een aanpassing van de witwasregels kan dit inperken. Pas dit daarom aan.
4. Bijschrijfplicht leidinggevende horeca schrappen
Horecaondernemers moeten de leidinggevende van hun horecazaak bijhouden op de vergunning. In een sector waar de omlooptijd van personeel hoog is, kost dit bijhouden veel tijd. Bovendien kost het geld. Het Adviescollege Toetsing Regeldruk is daarom ook kritisch op de regel. Ondanks een aangenomen VVD-motie, bestaat de regel echter nog. Breng daar verandering in.
5. Schrap jaarlijkse keuring op veilige arbeidsmiddelen
Werkgevers zijn verplicht om bepaalde arbeidsmiddelen (bijv. gereedschap) jaarlijks te laten keuren op veiligheid. Denk aan een kapper en zijn föhn. Vooral in sectoren waar gebruik van het arbeidsmiddel beperkt is of waar het arbeidsmiddel geen grote schade kan berokkenen, is deze regel onnodige werklast en kosten. Risico moet leidend zijn.
6. Uitzendtarieven EK- en WK-voetbal voor horeca gratis tot 5.000 bezoekers
In België is het uitzenden van het EK- of WK-voetbal voor (horeca)ondernemers op een dorps- of stadsplein tot 5.000 bezoekers gratis, maar in Nederland moeten hier duizenden euro’s per wedstrijd door de ondernemer voor worden betaald. Dit ondermijnt de Oranjebeleving tijdens deze toernooien. Dat moet anders.
7. Engels, Frans en Duits toestaan op productlabels
Nederland eist Nederlandstalige teksten op productlabels. Ondernemers kunnen daardoor moeilijk inkopen doen in het buitenland. Producten zijn daardoor duurder. Sta daarom andere talen toe.
8. Geen bouwvergunning voor festivalpodium
Uit jurisprudentie volgt dat een bouwvergunning vereist is als een bouwsel er langer dan 31 dagen staat. Voor evenementen, zoals festivals, duurt de opbouw van een podium soms langer. Dan levert dit onnodige bureaucratie op, met hogere prijzen voor festivalkaartjes tot gevolg. Dat is zonde. Pas dit daarom aan.
9. Ook horeca kleiner dan 35 m2 mag alcohol schenken
Horeca kleiner dan 35 m2 mag wettelijk nu geen alcohol schenken. Sommige pittoreske horecazaken komen daardoor in de knel of nooit van de grond. Schrap daarom deze verplichting.
10. Geen rapportage op componentenniveau voor ZZS
Ondernemers moeten rapporteren op het niveau van alle componenten in een product waarmee gewerkt wordt. Dat is onuitvoerbaar en het draagvlak voor deze regel bij ondernemers ontbreekt, zeker bij kleinere ondernemers. Handhaving op de naleving van gevarensymbolen kan uitkomst bieden.
11. Vertrouwensvergunning introduceren
Sommige (dorps-)evenementen verlopen al jaren zonder problemen. Dit brengt sociale cohesie en de lokale economie profiteert. Zorg in dat geval voor meerjarige vergunningen. Dit kan de rompslomp van vergunningaanvragen tegengaan.
12. Glühwein in de winter moet kunnen
Een schaatsbaan op een dorpsplein waar je in de winter ook een glühwein kan drinken; daar genieten veel mensen van. Volgens de wet wordt deze alcoholvergunning in zo’n geval echter maar voor twaalf dagen afgegeven. Een schaatsbaan die langer wil staan en alcohol wil aanbieden moet in dat geval opnieuw een vergunning aanvragen. Schrap deze dagentermijn. Koppel de vergunning bijvoorbeeld aan de duur van het evenement.
13. Meldplicht voor aandeelhouders naar EU-norm
Aandeelhouders moeten hun belang in een uitgevende instelling melden zodra dat belang 5% van de aandelen, het kapitaal of de stemrechten bereikt of over- of onderschrijdt. In Nederland geldt sinds 1 juli 2013 een drempel van 3% voor aandelen, kapitaal of stemrechten. Dit papierwerk ondermijnt beleggen en ondernemen, terwijl we juist een groeiende economie nodig hebben. Breng dit daarom in lijn met de EU-norm.
14. Schrap meldplicht voor bruto short posities
In Nederland geldt voor een bruto shortpositie een meldplicht bij 3%. Dit is strenger dan de EU-norm. Nederland hoeft niet het braafste jongetje van de klas te zijn. Pas dit daarom aan.
15. Schrap bijkantoorvereiste voor beleggingsondernemingen uit derde landen
Sinds 2018 wordt door Nederland gebruik gemaakt van de mogelijkheid om een bijkantoor verplicht te stellen voor beleggingsondernemingen uit derde landen indien zij in Nederland beleggingsdiensten verlenen aan niet-professionele beleggers of aan opt-up professionele beleggers (niet-professionele beleggers die zichzelf als professioneel willen kwalificeren). Nederland is daarmee strenger dan de EU-norm, zonder proportionele voordelen. Schrappen deze verplichting.
16. Vergoten transparantie dispensatieproces Algemeen Verbindend Verklaren cao’s
Bedrijven als Booking.com, Picnic, maar ook een pannenkoeken en poffertjesexploitant, moesten achteraf veel geld betalen omdat zij tot een andere cao werden gerekend dan waar zij rekening mee hadden gehouden. Dat moet niet kunnen. Als een bedrijf daarom samen met een legitieme vakbond een eigen cao afsluit met gelijkwaardige arbeidsvoorwaarden dan in de markt gangbaar is, moet dispensatie in principe altijd worden verleend.
17. Verbeteren definitie werkingssfeer cao
De werkingssfeer van een cao moet beter worden gedefinieerd, zodat innovatieve of gemengde bedrijven niet onterecht gebonden raken aan cao’s die niet aansluiten op hun feitelijke activiteiten. Dit sluit aan bij punt 23.
18. Bewaartermijn CMR/reprotoxische stoffen verkorten
Nederland heeft bij implementatie van EU-regels voor reprotoxische stoffen gekozen voor een bewaartermijn van veertig jaar voor blootstellingsregistratie, terwijl de Europese richtlijn een termijn van vijf jaar noemt. Fors langer dus. Dat kan naar beneden bijgesteld.
19. Geen papieren tijgers in RI&E
Werkgevers moeten beleid voeren om psychosociale arbeidsbelasting (PSA) te voorkomen of beperken. Bij risico’s moet PSA in de RI&E worden meegenomen. Een papieren tijger.
20. Schrappen CO2-ketensturing REDIII
De Nederlandse havens, waaronder de haven van Rotterdam, zitten in zwaar weer en verliezen steeds meer terrein aan het buitenland. Dan helpt het niet dat Nederland voor onze bedrijven ook nog eens strenger is dan andere EU-landen op basis van dezelfde EU-wetgeving. De CO2-ketensturing is zo’n nationale kop. Die verstoort het gelijke speelveld met het buitenland.
21. Schrappen sectorsturing REDIII
Ook de sectorsturing is een nationale kop op de REDIII. Nederland legt daarmee bovenop de Europese verplichtingen aparte eisen per sector op, waar andere EU-landen dat niet doen. Dat verstoort het gelijke speelveld met het buitenland en raakt onder meer de Nederlandse havens, die toch al terrein verliezen. Ook op dit onderdeel had het Adviescollege Toetsing Regeldruk forse kritiek. Schrap daarom de sectorsturing.
22. Minder rittenregistraties
Dankzij de VVD hoeft het midden- en kleinbedrijf (mkb) niet meer te registreren of het personeel met de auto, fiets of het openbaar vervoer naar werk komt om de CO2-uitstoot bij te houden. Toch moet het grootbedrijf dit nog wel. Ook mkb’ers in de keten van die grote bedrijven moeten dit soms nog rapporteren. Verhoog de grenswaarde zodat nog minder ondernemingen hierover hoeven te rapporteren.
23. Mengformules mogelijk maken
Een restaurant mag nu niet altijd flessen wijn, olijfolie of het servies verkopen, zonder dat handhaving om de hoek komt kijken. Dit kan namelijk strijdig zijn met vergunningseisen. Een aanpassing hiervan zou het verdienvermogen van ondernemers in de winkelstraat vergroten, met meer levendige stads- en dorpskernen tot gevolg.
24. Meer regulatory sandboxes AI
De AI-act stelt één zogenaamde regulatory sandbox verplicht. Nederland heeft er sinds dit jaar dan ook één. Meerdere zones zijn mogelijk en zouden de regeldruk beperken en innovatie stimuleren.
25. Breed en snel toegankelijke regulatory sandbox Verordening Cyberweerbaarheid
Fabrikanten moeten voor het op de markt brengen van producten met digitale elementen, aan allerlei cybersecurity-eisen voldoen. Onder andere de Raad voor de Rechtspraak en toezichthouder RDI waarschuwen voor overlap tussen de NIS2, de Cybersecurity Act, de AI-act en de Verordening Cyberweerbaarheid. Die laatste EU-wet biedt de mogelijkheid tot een zogenaamde regulatory sandbox. Deze sandbox is momenteel in ontwikkeling. Het is belangrijk dat deze zo toegankelijk en zo snel mogelijk wordt ingericht, zeker voor het midden- en kleinbedrijf en start-ups. Zo worden uitdagers van de grote techbedrijven bevorderd, met meer concurrentie en lagere prijzen tot gevolg.
26. Bureaucratie verlagen voor vergroten cloudcapaciteit
Maar 15% van de Europese benodigde cloudcapaciteit wordt aangeboden door Europese aanbieders. Een soeverein Europa heeft meer cloudaanbieders (datacenters) nodig. Het kabinet is kritisch op het voorstel in de Cloud and AI Development Act van de Europese Commissie om “datacenter versnellingszones” in de EU te introduceren. Zo is het kabinet kritisch op de praktische haalbaarheid van voorgestelde termijnen, zoals de voorgestelde verplichting om binnen zes maanden na inwerkingtreding een versnellingszone aan te wijzen en een maximale vergunningsduur van twaalf maanden voor projecten in een zone. Het Verenigd Koninkrijk heeft al AI growth zones. De handrem moet er in Nederland ook vanaf.
27. Werkkostenregeling eenvoudiger maken
De werkkostenregeling is administratief complex, blijkt uit onderzoek. Ondernemers gebruiken het daarom niet of zijn onnodig veel tijd aan het gebruik van de regeling kwijt. Dat kan eenvoudiger. Schaf bijvoorbeeld de gerichte vrijstellingen af en voeg de daarmee vrijgekomen budgettaire ruimte toe aan de vrije ruimte.
28. Verhelpen dubbele conformiteitsverklaring van de Warenwet drukapparatuur
Kleine airco’s en warmtepompen worden in de fabriek al verplicht CE-goedgekeurd. Nederland ziet de installateur van die producten óók als fabrikant, waardoor ook de installateur een conformiteitsverklaring moet afleggen. Dubbele administratieve kosten met weinig toegevoegde waarde dus, wat leidt tot duurdere airco’s en warmtepompen.
29. Actieve provisietransparantie schadeverzekeringen
De wet verplicht verzekeringstussenpersonen om precontractueel aan te geven welk soort vergoeding wordt ontvangen (bijvoorbeeld provisie). Dit moet zo vroeg mogelijk actief richting de klant worden gecommuniceerd. Eerder waren tussenpersonen slechts verplicht deze informatie op verzoek van de klant (passief) te delen. Transparantie is goed, maar Nederland legt met deze eis weer een last op de schouder van de ondernemer. Nederland is met deze verplichting strenger dan de EU-norm.
30. Schrap vergunningsplicht voor bedrijfsborrels/-feestjes als er al een gebruiksvergunning is
Soms moet een onderneming een aparte vergunning aanvragen voor een intern evenement. Als het pand al veilig is (gebruiksvergunning), is een extra vergunning bureaucratisch. Combineer de vergunningen of schaf de extra verplichting voor interne borrels af.
31. Afschaffen omgevingsvergunning buitenreclame op eigen bedrijfspand
Reclame-uitingen aan je gevel (borden, posters, etc.) vereisen vaak een aparte omgevingsvergunning. Het is jouw pand en je wil je bedrijf zichtbaar maken. Dat moet dan ook kunnen. Excessen moeten uiteraard tegengegaan worden.
32. Afschaffen uitwegvergunning (een oprit maken)
Voor het aanleggen van een in-/uitrit naar de openbare weg moet je een vergunning aanvragen. Vaak gaat het om eigen terrein en is de weg breed genoeg, en is dit dus nodeloze bureaucratie.
33. Kapvergunning (boom kappen) voor kleine percelen verbieden
In veel gemeenten heb je een kapvergunning nodig voor bomen op eigen erf. Bij kleine tuinen/percelen is de regeldruk onevenredig. Verbied een kapvergunning voor kleine percelen (bijv. gemiddelde tuinen).
34. Schrappen verplicht opstellen verzuimbeleid bij kleine werkgever
Werkgevers moeten formeel een verzuimbeleid hebben, ook als ze weinig personeel hebben. Micro- en kleine bedrijven communiceren vaak direct bij ziekte. Dit is voor hun dan ook vaak een overbodige last.
35. Circulariteit van afval vergroten
Circulaire bedrijven moeten vaak per geval bewijzen dat gerecyclede materialen geen afval meer zijn. Dit leidt tot langdurige procedures, onzekerheid en daarmee uitstel van investeringen in circulariteit. Nederland kan vaker voor materialen criteria opstellen wanneer deze niet meer als afval worden beschouwd.
36. Bio-LNG benutten
De Europese Commissie biedt expliciet ruimte voor de massabalanssystematiek voor gasvormige en vloeibare brandstoffen, mits deze methode betrouwbaar en transparant is. Dit wordt toegepast voor biogas, maar niet voor bio-LNG. Bijvoorbeeld Duitsland, Spanje, Frankrijk en Italië passen dit wél toe voor bio-LNG, waardoor de Nederlandse industrie op achterstand staat. We hebben juist een krachtige industrie nodig. Benut daarom bio-LNG.
37. ARIE hervormen
Voor sommige werkgevers is een RI&E niet genoeg en moet er ook een Aanvullende Risico Inventarisatie en Evaluatie (ARIE) worden gemaakt. Bedrijven moeten zelf inschatten of ze ARIE-plichtig zijn. Deze ARIE-plicht geldt ook voor bedrijven waarvoor dit niet voor de hand liggend is, terwijl het wel een hoop extra papierwerk is. Hervorm daarom de systematiek van de ARIE. Zorg bijvoorbeeld dat overlap met andere wettelijke verplichtingen worden weggenomen en dat minder bedrijven zich aan een ARIE moeten wagen.
38. Oog voor de kosten bij vervanging dieselmotoremissie
Bij dieselmotoremissie moet tegenwoordig eerst worden onderzocht of dieselmotoren kunnen worden vervangen door elektrische of andere aandrijving. Financiële bezwaren zijn bij deze technische vervangingsmogelijkheid niet dragend. Iets verplicht stellen wat technisch mogelijk is, zonder daarbij de kosten in ogenschouw te nemen, is irreëel. Pas dit daarom aan.
39. Geen dubbel werk PAGO/PMO
Werkgevers zijn verplicht werknemers periodiek in de gelegenheid te stellen een arbeidsgezondheidskundig onderzoek te ondergaan gericht op het voorkomen of beperken van risico’s die arbeid voor de gezondheid mee zich meebrengt. In combinatie met de RI&E riskeert dit dubbel werk. Dat moet voorkomen worden. Koppel de noodzaak van dit onderzoek bijvoorbeeld aan de risico’s die naar voren komen bij de RI&E.
40. Geen verplichte HOP-bijdrage horeca
ledere horecaondernemer is verplicht om 0,2% van de totale loonsom te betalen aan het Horeca Ontwikkel Platform (HOP). Dit geld wordt gebruikt
om te investeren in projecten die bijdragen aan de toekomst van de sector, zoals betere werkomstandigheden of campagnes. Een verplichte bijdrage is niet van deze tijd. Het moet daarom mogelijk zijn van deze bijdrage af te zien.
41. Uniforme procedure voor het aannemen van mensen met arbeidsbeperking
Werkgevers hebben zich verbonden om bij te dragen aan het creëren van werkplekken voor
mensen met een arbeidsbeperking. Bij het in dienst nemen van mensen met een arbeidsbeperking kan hoge regeldruk er echter toe leiden dat werkgevers hiervan afzien. Werkgevers hebben namelijk per gemeente te maken met verschillende werkwijzen en interpretaties. Dat moet eenvoudiger. Werk bijvoorbeeld met één vast formulier of landelijk digitaal loket.
42. Aanvragen van betaald ouderschapsverlof voor een werknemer vereenvoudigen
Werkgevers moeten bijhouden wanneer en hoeveel ouderschapsverlof werknemers opnemen en controleren of dit binnen het eerste levensjaar van het kind valt. Vooral wanneer werknemers het verlof gespreid opnemen of tussentijds wijzigen, brengt dit hoge administratieve lasten met zich mee. Maak dit makkelijker.
43. Verduidelijking begeleidingsplicht werkgever bij disfunctioneren werknemer
De werkgever moet de werknemer tijdig in kennis stellen als deze slecht of niet functioneert. De werkgever moet de werknemer voldoende mogelijkheden bieden om zijn of haar functioneren te verbeteren. Hierbij kunnen bijvoorbeeld opleidingen en cursussen ter beschikking worden gesteld. Voor werkgevers én werknemers is nu onduidelijk wanneer een verbetertraject ‘voldoende’ is afgerond. Door dit te verduidelijken, door de tijd wettelijk te maximeren, weten zij beide beter waar zij aan toe zijn.
44. Richtlijnen ter verduidelijking werkgeversplicht bij disfunctioneren werknemer
Het is voor werkgevers en werknemers vaak onduidelijk wanneer zij aan hun begeleidingsplicht hebben voldaan voor een disfunctionerende werknemer, zoals het vorige punt ook al stelt. Voer bijvoorbeeld criteria in waaronder werkgevers zeker voldoende aan deze plicht hebben voldaan. Zo verkeren werkgever en werknemer niet in onzekerheid over het traject.
45. Koppeling gegevens Belastingdienst met expatregeling
Werkgevers die gebruik willen maken van de expatregeling, moeten hiervoor diverse administratieve handelingen verrichten. Vaak zijn deze gegevens al bij de Belastingdienst bekend. Dat geldt bijvoorbeeld voor loongegevens. Maak dit aanvraagproces daarom eenvoudiger.
46. Geen formulier expatregeling per post
Het formulier voor de expatregeling moet per post naar de Belastingdienst worden verstuurd. Dat is niet meer van deze tijd. Maak dit digitaal.
47. Geen exploitatievergunning horeca als alcoholwetvergunning uitkomst biedt
In veel gemeenten moet een horecazaak zowel een alcoholwetvergunning hebben, als een exploitatievergunning. Dit is in veel gevallen dubbelop. Voorkom overlap.
48. Geen terrasvergunning als Algemeen Plaatselijke Verordening uitkomst biedt
In veel gemeenten moeten horecaondernemers een terrasvergunning aanvragen (en in sommige gemeenten moet ook een terrasexploitatieplan worden aangeleverd), terwijl de Algemene Plaatselijke Verordening vaak al genoeg handvatten biedt voor gemeenten om op te treden bij overlast. Als dat het geval is, is er sprake van onnodige overlap. Voorkom dit.
49. Schrappen regiostimulering Kamer van Koophandel (KvK)
De KvK heeft het stimuleren van de regionale economie als wettelijke taak. Dit kost jaarlijks miljoenen euro’s. Uit onderzoek blijkt dat ondernemers de toegevoegde waarde van de KvK op dit punt niet zien. De Rijksdienst voor Ondernemend Nederland en de Regionale Ontwikkelingsmaatschappijen doen bijvoorbeeld ook al aan regiostimulering. De KvK moet zich focussen op de kerntaak: een goed beheer van het Handelsregister. Maak daarom een stap naar een slagvaardige overheid en schrap deze wettelijke taak van de KvK.
50. Schrappen innovatiestimulering Kamer van Koophandel (KvK)
De KvK heeft het stimuleren van innovatie als wettelijke taak. Dit kost jaarlijks miljoenen euro’s. Uit onderzoek blijkt dat ondernemers de toegevoegde waarde van de KvK op dit punt niet zien. De Rijksdienst voor Ondernemend Nederland en de Regionale Ontwikkelingsmaatschappijen doen bijvoorbeeld ook al aan innovatiestimulering. De KvK moet zich focussen op de kerntaak: een goed beheer van het Handelsregister. Maak daarom een stap naar een slagvaardige overheid en schrap deze wettelijke taak van de KvK.
51. Lagere regelgeving standaardiseren
Nederland telt 342 gemeenten, 21 waterschappen en twaalf provincies. In ons kleine landje maken zij allemaal regels die ook weer onderling van elkaar verschillen. In de ene gemeente mag een podium bijvoorbeeld X groot zijn, en in een andere gemeente weer net één vierkante meter groter. Het waar mogelijk ontwikkelen en uitbreiden van standaarden met medeoverheden voor eenduidige regelgeving kan uitkomst bieden.
52. Stroomlijnen meldingsplicht Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) en Autoriteit Consument en Markt (ACM)
Normaal moeten fusies boven een bepaalde grenswaarde enkel bij de ACM gemeld worden. In de zorg moet dit ook bij de NZa. Stroomlijn dit. Zorg ervoor dat je met één keer melding doen bij beide instanties terecht kan.
53. In lijn brengen van meldingsplicht voor schadelijke levensmiddelen
Een schadelijk levensmiddel moet in Nederland volgens de wet ‘onverwijld’ en ‘onmiddellijk’ aan de autoriteiten worden gemeld. Toezichthouder NVWA interpreteert dit via een beleidsregel als een tijdsbestek van vier uur, waarbij ook bij een vermoeden van een afwijking gemeld moet worden – denk aan een stokje in een batch rozijnen. Het kabinet heeft in haar inspanningen voor regeldrukreductie opgenomen dat VWS en de NVWA werken aan het verwerken van een fasering in het meldproces- en formulier, waardoor bedrijven bij een melding een deel van de informatie later kunnen aanvullen. Dat is nog altijd fors meer strikt dan andere landen. Zo geldt in België een veel ruimere meldplicht van 48 uur en richt de melding zich uitsluitend op schadelijkheid in plaats van een vermoeden van een afwijking. Breng de Nederlandse praktijk meer in lijn met wat in andere ontwikkelde landen gebeurt. Richt het beleid daarom ook hier meer risicogericht in.
54. Geen dubbel werk in evenementenbeveiliging
Iemand die in de evenementenbranche voor een bedrijf werkt, heeft een beveiligingspas van dat bedrijf nodig. Mensen die voor meer bedrijven oproepkracht zijn, moeten dus meerdere passen hebben. Dubbel werk, dubbele kosten. Pas dit aan.
55. Administratieve lasten pensioenbeheer
Ondernemers konden pensioen opbouwen in een pensioen-BV. Zo’n BV moet voldoen aan allerlei administratieve vereisten, zoals het opstellen van jaarrekeningen. Soms zijn de kosten van deze administratieve lasten hoger dan het rendement op het pensioenvermogen, waardoor het pensioengeld geleidelijk verdwijnt aan administratieve kosten. Ondernemers die hun vermogen willen onderbrengen bij een verzekeraar, zien zich geconfronteerd met hoge belastingheffing of krijgen nee op het rekest van de verzekeraar. Maak een geruisloze omzetting mogelijk.
56. Mystery shopping toestaan
Nederland importeert miljoenen pakketjes die niet aan onze standaarden voldoen. Deze zijn bijvoorbeeld kankerverwekkend of brandgevaarlijk. Dit is oneerlijk voor ondernemers die zich wel netjes aan de regels houden. De ACM moet hiertegen kunnen optreden door pakketjes te kopen en de producten te testen, maar kan dit vaak niet omdat een creditcard en bankrekening onder een fictieve identiteit niet is toegestaan. Geef de toezichthouder deze bevoegdheid tot mystery shoppping.
57. Schrap nationale koppen exportkredietverzekeringen
Bedrijven die zaken willen doen in landen met risico’s, bijvoorbeeld vanwege oorlog of corruptie, kunnen hulp krijgen van de staat voor een verzekering tegen dit risico. Nederland is voor deze zogenaamde exportkredietverzekeringen soms strenger dan andere Westerse landen. Zo beoordeelt Nederland transacties zonder dat de projectlocatie duidelijk is, bijvoorbeeld bij de levering van schepen, terwijl dit volgens de Common Approaches van de OESO niet vereist is. Haal de stofkam over deze nationale regels.
58. Uitzonderen Fintechs van strenger bonusregels
Nederland heeft strengere regels voor bonussen dan andere EU-landen, zelfs nadat we eerder een stap in versoepeling hebben gezet. Uit onderzoek blijkt dat wij daardoor mooie bedrijven mislopen, bijvoorbeeld na de Brexit. Breng deze regels daarom verder in lijn met de EU-norm. Zonder bijvoorbeeld fintechs uit van de bonusregels, maar houd deze voor de ‘gewone’ banken in stand.
59. Aanpassen verplichte 42-weeks melding langdurige ziekte
Na 42 weken moet de werkgever de werknemer als langdurig ziek aanmelden. Vereenvoudig dit door het moment samen te voegen met de eerstejaarsevaluatie.
60. Versoepelen verplichting rondom het inwinnen van informatie over de financiële positie, kennis, ervaring, doelstellingen en risicobereidheid van klanten in de financieel advies-branche
Een financieel adviseur is verplicht informatie in te winnen over de financiële positie, de kennis, de ervaring, de doelstellingen en de risicobereidheid van de klant, voor zover dit redelijkerwijs relevant is voor haar advies. In geval van zogenoemde complexe financiële producten worden meer gegevens gevraagd dan bij reguliere financiële producten. Pas vaker maatwerk toe, zeker bij complexe financiële producten, bijvoorbeeld door afspraken tussen de Autoriteit Financiële Markten en de sector.
61. Eén aanvraag voor tijdelijke verkeersmaatregelen
Aannemers moeten bij werkzaamheden regelmatig afzonderlijk toestemming vragen voor het plaatsen van tijdelijke verkeerstekens en ontheffing aanvragen van verkeersregels. Terwijl het om één project gaat, doorlopen zij meerdere procedures. Maak hiervan één aanvraag en één besluit per project.
62. Landelijke verkeersontheffing voor identieke werkzaamheden
Een aannemer die met hetzelfde voertuig en hetzelfde type werkzaamheden in verschillende gemeenten actief is, moet bij iedere wegbeheerder opnieuw een verkeersontheffing aanvragen. Introduceer een landelijk erkende ontheffing voor gestandaardiseerde voertuigen en werkzaamheden. Wegbeheerders kunnen dan bijvoorbeeld alleen aanvullende voorwaarden stellen wanneer de plaatselijke verkeerssituatie dat aantoonbaar noodzakelijk maakt.
63. Eén startmelding voor mesttransport
Voorafgaand aan één mesttransport moet de vervoerder eerst een vooraanmelding doen en daarna met vrijwel dezelfde gegevens een startmelding versturen. Voeg deze twee meldingen samen. De melding wordt definitief zodra het laden begint; wijzigingen kunnen tot dat moment worden doorgegeven.
64. Eén afvalregistratie voor banden en accu’s
Autobedrijven moeten de afvoer van banden, accu’s en andere bedrijfsafvalstoffen administreren, terwijl erkende inzamelaars en producentenorganisaties dezelfde overdracht eveneens registreren. Laat de digitale afgiftebevestiging van een erkende inzamelaar gelden als de afvalstoffenadministratie van het autobedrijf.
65. Lichter opslagregime voor kleine werkvoorraden
Autobedrijven en kleine maakbedrijven bewaren beperkte werkvoorraden olie, verf, spuitbussen, reinigingsmiddelen en accu’s. Deze hoeveelheden kunnen gezamenlijk onder een zwaar opslagregime vallen, terwijl zij in de originele verpakking verspreid op de werkvloer worden gebruikt. Introduceer een duidelijke uitzondering voor beperkte dagelijkse werkvoorraden, met behoud van noodzakelijke brandveiligheids- en bodembeschermingsmaatregelen.
66. Geen volledig nieuw ZZS-onderzoek bij een ongewijzigd productieproces
Bedrijven moeten periodiek onderzoeken hoe zij emissies van zeer zorgwekkende stoffen verder kunnen voorkomen of beperken. Ook bij een ongewijzigd productieproces kan daardoor opnieuw een omvangrijk vermijdings- en reductieprogramma nodig zijn. Laat een actualiteitsverklaring volstaan wanneer stoffen, hoeveelheden, productieproces en beschikbare technieken aantoonbaar niet zijn veranderd. De minimalisatieplicht en emissienormen blijven ongewijzigd.
67. Geen verplichte volgboot bij veilig autonoom varen
Voor experimenten met autonoom of op afstand bestuurd varen kunnen zulke zware veiligheidsvoorwaarden worden gesteld dat een onbemand schip permanent door een volledig bemand vaartuig moet worden gevolgd. Daardoor moet een autonome operatie feitelijk dubbel worden bemenst. Maak de voorwaarden aantoonbaar risicogestuurd en schrijf een volgboot alleen voor wanneer de vaarweg, het vaartuig of de proef daar concreet aanleiding toe geeft.
68. Eén landelijke ontheffing voor een reeks autonome vaarproeven
Voor iedere nieuwe proef, vaarweg of beperkte wijziging van een autonoom schip kan opnieuw toestemming nodig zijn. Maak één landelijke experimenteerontheffing mogelijk voor een reeks vergelijkbare proeven met hetzelfde vaartuig en veiligheidssysteem.
69. Niet tot in detail vastleggen wat geldt als ‘roomijs’
Wettelijk is vastgelegd wat ‘roomijs’ is: geen ander vet dan melkvet, een minimumpercentage melkvet en geen ander eiwit dan melkeiwitten. Dat is overbodig. Schrap dit dus.
70. Versoepel regels toegankelijkheid buitenruimte voor reguliere woningen
Sinds 1 januari 2026 moet bij een verplichte privé-buitenruimte een hoogteverschil van meer dan 2 cm met een hellingbaan worden overbrugd. Deze eis kan bij reguliere woningen leiden tot extra bouwkundige maatregelen. Beperk de eis tot bijvoorbeeld zorggeschikte woningen waarbij toegankelijkheid daadwerkelijk noodzakelijk is.
71. Verplichte aanwezigheid niet-gemeenschappelijke en afsluitbare buitenberging voor elke woonfunctie aanpassen
Reguliere woningen moeten beschikken over een afsluitbare bergruimte van minimaal 5 m2; alleen bij woningen tot en met 50 m2 is een gemeenschappelijke berging toegestaan. Sta voor alle woningen een collectieve, afsluitbare buitenberging toe. Hierdoor ontstaat meer ontwerpvrijheid en kan woonruimte efficiënter worden benut.
72. Bereikbaarheids- en toegankelijkheidseisen van de buitenberging wijzigen
Een buitenberging moeten nu rechtstreeks bereikbaar zijn vanaf de openbare weg en moet bij een drempel van meer dan 0,02 m een lift of hellingbaan hebben. De eisen kunnen worden geschrapt om ruimte te maken voor doelmatige oplossingen die passen bij de locatie en het gebruik van de berging.
73. Privé-buitenruimte naar behoefte
Een reguliere woning (>50m²) moet beschikken over een niet-gemeenschappelijke buitenruimte (min. 4 m²). Sta een gemeenschappelijke buitenruimte naar behoefte als alternatief toe.
74. Andere bereikbaarheidseisen niet-gemeenschappelijke buitenruimte toestaan
Een woonfunctie moet in principe beschikken over een niet-gemeenschappelijke buitenruimte, maar de eis dat deze buitenruimte rechtstreeks bereikbaar moet zijn vanuit een niet-gemeenschappelijk verblijfsgebied beperkt de ontwerpvrijheid. Vereenvoudig deze bereikbaarheidseis en maak ook andere toegangen tot de buitenruimte mogelijk, bijvoorbeeld via een gemeenschappelijke verkeersruimte, zolang de buitenruimte bruikbaar en bereikbaar is voor bewoners.
75. Tijdelijke huurcontracten toestaan voor meer groepen
Sinds 1 juli 2024 zijn verhuurders verplicht vaste huurcontracten aan te bieden. Tijdelijke huurcontracten kunnen alleen aan specifieke doelgroepen worden aangeboden. Door tijdelijke huurcontracten (bijvoorbeeld voor 3 of 5 jaar) breder toe te staan wordt verhuren en investeren weer aantrekkelijk waardoor het aanbod van huurwoningen weer toeneemt.
76. Klein en tijdelijk bouwmaterieel vrijstellen van emissiereductieplicht
Voor bouw- en sloopwerkzaamheden gelden regels om de emissies van bouwmaterieel te beperken. Voor klein materieel of materieel dat slechts kort wordt ingezet, staat de administratieve en financiële last niet in verhouding staan tot de milieuwinst. Stel klein en tijdelijk ingezet bouwmaterieel daarom vrij van de generieke emissiereductieplicht.
77. Informatieplicht bouwmaterieel bij kleine bouwprojecten verminderen
Voor de inzet van bouwmaterieel geldt een informatie- en administratieverplichting. Bij kleine bouwprojecten en kortdurende werkzaamheden levert dit relatief veel administratie op. Beperk de informatieplicht tot projecten waarbij de omvang en duur van de inzet van bouwmaterieel daadwerkelijk tot relevante milieubelasting leidt.
78. Geluidseisen tijdelijke woningen meer harmoniseren
Voor tijdelijke woningen gelden specifieke en op onderdelen lagere geluidseisen. De regelgeving maakt daarbij onderscheid tussen verschillende vormen en gebruiksduur van tijdelijke woningbouw. Trek de technische geluidseisen voor tijdelijke woningbouw zoveel mogelijk gelijk en voorkom dat verschillen in de toegestane gebruiksduur leiden tot onnodig verschillende bouwkundige eisen. Zorg daarbij dat het noodzakelijke beschermingsniveau voor bewoners behouden blijft.
79. Geen verplichte afmeting voor toiletruimte
De overheid schrijft voor hoe groot een toiletruimte minimaal moet zijn bij nieuwbouwwoningen. Deze gedetailleerde maatvoering beperkt de vrijheid om woningen efficiënt in te delen. Laat bouwers en bewoners zelf bepalen hoeveel ruimte voor een toilet nodig is, zolang de noodzakelijke eisen voor veiligheid, bruikbaarheid en toegankelijkheid worden gehaald.
80. Aanpassing minimumplicht gebruiksoppervlakte als verblijfsgebied
55% van de gebruiksoppervlakte moet verblijfsgebied zijn en daarmee voldoen aan zwaardere eisen qua ventilatie en daglicht. Dit kan leiden tot onnodig hoge kosten en beperkingen in woningplattegronden. Pas dit dus aan.
81. Verplichte aanwezigheid van tweede trappenhuis in veel woongebouwen herzien
De huidige bouwregelgeving kan bij bepaalde woongebouwen leiden tot de verplichte inpassing van meerdere trappenhuizen en daarmee tot extra bouwkosten en verlies van gebruiksoppervlak. In ons omliggende landen is deze verplichting niet noodzakelijk. Onderzoek daarom of de regels voor meervoudige vluchtroutes in woongebouwen meer risicogestuurd en functiegericht kunnen worden vormgegeven. Een tweede trappenhuis zou niet automatisch noodzakelijk moeten zijn wanneer met alternatieve bouwkundige of installatietechnische maatregelen dezelfde mate van brandveiligheid kan worden gegarandeerd.
82. Verplichte afmetingen badruimte voor nieuwbouwwoningen flexibiliseren
Nu gelden minimale afmetingen voor badruimten in nieuwbouwwoningen. Deze maatvoering dient flexibeler te worden, zodat bouwers en bewoners de beschikbare ruimte efficiënter kunnen indelen. Dit voorkomt onnodig ruimteverlies en verlaagt de bouwkosten.
83. Schrappen brede reikwijdte van de WAMCA boven EU-richtlijn
Claimstichtingen gebruiken het Nederlandse rechtssysteem als verdienmodel om zaken aan te brengen die buiten consumentenbescherming vallen (zoals klimaatzaken), omdat de wet niet is beperkt tot consumentenzaken. Door het schrappen van deze nationale kop wordt de aanzuigende werking voor niet-consumentenzaken beperkt. Dit verlaagt juridische risico’s voor bedrijven en versterkt het investeringsklimaat.
84. Schrappen verplichte notariële voor mede-eigenaarschap bv
Nederland is een van de weinige landen waar elke uitgifte of overdracht van aandelen in een bv langs de notaris moet. Een start-up die tien medewerkers een klein belang wil geven, is daardoor duizenden euro’s aan notaris- en advieskosten kwijt, en bij iedere nieuwe medewerker opnieuw. Het coalitieakkoord wil juist dat medewerkersparticipatie makkelijker en aantrekkelijker wordt. Schrap de notariële eis voor kleine belangen aan werknemers en volsta met een onderhandse akte die in het aandeelhoudersregister wordt vastgelegd.
85. Digitale loonstrook als standaard
De loonstrook mag alleen digitaal worden verstrekt als de werknemer daar uitdrukkelijk mee heeft ingestemd. Werkgevers moeten die instemming per werknemer vastleggen en bewaren, terwijl vrijwel iedereen zijn loonstrook allang via een app of werknemersportaal bekijkt. Waarom laten we honderdduizenden werkgevers toestemmingsformulieren archiveren voor iets wat de werknemer zelf al digitaal doet? Draai het om: digitaal is de norm, papier op verzoek.
86. Dakkapel aan de voorzijde vergunningsvrij
Een dakkapel op het achterdakvlak is landelijk vergunningsvrij, maar precies dezelfde dakkapel aan de voorkant valt onder het omgevingsplan van de gemeente. Daardoor gelden er in 342 gemeenten verschillende regels, betaalt de eigenaar leges en komt er vaak nog een welstandsoordeel bij. Het gaat om een standaardproduct dat een aannemer in een mum van tijd plaatst. Maak de dakkapel aan de voorzijde landelijk vergunningsvrij met eenduidige maatvoeringseisen
87. Indexeren verplicht accountantsproduct bij subsidievaststelling vanaf €125.000
De grens van €125.000 is sinds de invoering van het Uniform Subsidiekader (2010) niet aangepast, terwijl kosten van accountantscontrole sterk zijn gestegen en accountantscapaciteit schaars is. Voor kleinere ontvangers weegt de controle niet op tegen het bedrag. SRA en het kabinet noemen al dat bij specifieke regelingen wordt overgestapt op samenstellingsverklaringen; een generieke aanpassing ontbreekt. Indexeer deze grens naar het prijsniveau van 2026.
88. Materialiteitsdrempel in de terugmeldplicht UBO
Sinds 1 oktober 2024 moet iedere Wwft-instelling elk verschil tussen het UBO-register en het eigen cliëntenonderzoek terugmelden aan de Kamer van Koophandel. Er geldt geen ondergrens, dus ook een verkeerd gekozen bandbreedte, een spelfout in een achternaam of een ontbrekende pseudo-UBO moet worden gemeld. Banken, notarissen en accountants produceren zo tienduizenden meldingen die de KVK stuk voor stuk moet behandelen en die vervolgens weer bij de ondernemer op de mat vallen. De Europese richtlijn verplicht tot het melden van afwijkingen, niet tot het melden van elk verschil in spelling. Voer een materialiteitsdrempel in en sta verzamelmeldingen toe.
89. Schrap de dubbele opgave van bestuurders als pseudo-UBO
Heeft een stichting of vereniging geen natuurlijke persoon met een belang boven de 25%, dan moet het voltallige bestuur als zogenoemde pseudo-UBO worden geregistreerd, met een aparte opgave en een identiteitsbewijs per persoon. Precies dezelfde personen staan al als bestuurder ingeschreven in het handelsregister. Bij elke bestuurswisseling mag de penningmeester van de voetbalclub het dus twee keer doen, bij hetzelfde loket. Laat de pseudo-UBO automatisch volgen uit de bestuurdersinschrijving in het handelsregister.
90. Schrappen verplichtingen fietsparkeerplaatsen bij nieuwe gebouwen
Gemeenten hebben nu vaak de plicht om bij nieuwe gebouwen hoge minimale eisen te stellen aan fietsparkeergelegenheid. Versoepel deze regels en schrap de verplichting om rekening te houden met ‘grotere fietsen’. Dit geeft bouwprojecten meer ruimte.
91. Schrappen verplichte kennisgeving bij geen omgevingsvergunning
Als er na aanvraag van een omgevingsvergunning blijkt dat er geen omgevingsvergunning nodig is, moet daar nu kennisgeving van te worden geven. Dit kan uit de Omgevingswet. Dit scheelt administratieve lasten.
92. Schrappen middeldure koopwoningen van mogelijkheid tot opkoopbescherming
Voor gemeenten is er nu de mogelijkheid om opkoopbescherming toe te wijzen aan goedkope en middeldure woningen. Beperk deze mogelijkheid tot goedkope woningen. Dit zorgt voor minder benodigde ambtelijke capaciteit en meer ruimte voor ondernemers.
93. Verbreed de digitale notariële akte
Sinds 1 januari 2024 kan een bv digitaal worden opgericht, met een notariële akte die via een audiovisuele verbinding wordt gepasseerd. Die mogelijkheid is meteen krap gehouden: zij geldt alleen voor de oprichting zelf en alleen als er in geld wordt gestort. Voor een statutenwijziging, een volmacht, een verklaring van erfrecht of de overdracht van aandelen moeten partijen nog altijd fysiek bij de notaris verschijnen, ook als zij in het buitenland wonen of slecht ter been zijn. De techniek en de identificatie zijn in al die gevallen dezelfde. Stel de digitale akte open voor alle akten waarvoor geen fysieke waarneming door de notaris nodig is.
94. Vereenvoudigde re-integratieprocedure bij lichte kwetsuren
Bij het re-integreren van een zieke werknemer moet in alle gevallen dezelfde uitgebreide procedure worden doorlopen, ongeacht de aard en de ernst van de casus. Een beenbreuk na een skivakantie vergt daarmee dezelfde formele stappen als een werknemer die een beroerte krijgt. Ondernemers besteden per casus circa dertig tot zestig uur aan begeleiding, rapportages en afstemming met externe deskundigen en maken jaarlijks tot circa €15.000 aan out-of-pocketkosten voor een arbeidsdeskundige of re-integratiebureau. In eenvoudige casussen wordt deze verplichting als niet-proportioneel ervaren en zijn doel en proportionaliteit voor ondernemers niet duidelijk. Maak het mogelijk om in overeenstemming met de werknemer een vereenvoudigde procedure voor re-integratie bij lichte kwetsuren in te richten.
95. Nieuwe toetreders op de postmarkt een kans geven
Bij postvervoerders met een omzet van €2 miljoen of meer moeten minimaal 80% van hun postbezorgers een arbeidsovereenkomst hebben. Toetreders en kleine postbedrijven hebben grote moeite om aan deze eis te voldoen, wat de ontwikkeling naar een brede postmarkt in de weg staat, terwijl ook het kabinet vindt dat dat de richting is waarin de postmarkt zich moet ontwikkelen. Schrap daarom deze eis die bovenop normale arbeidsrechtelijke regels komt.
96. Beperk voertuigcategorieën in het digitaal opkopersregister
In het Digitaal Opkopersregister moet geregistreerd worden over verschillende voertuigcategorieën. Vaak geldt ook al een verplichte RDW-registratie. Beperk daarom de reikwijdte van het digitaal opkopersregister, zodat bijvoorbeeld aanhangers hier niet onder vallen.
97. Geneesmiddelenverkoop per website én per app
Online mogen geneesmiddelen worden verkocht. Dat mag volgens de wet enkel per website, dus niet per app. Dat is achterhaald. Maak dit daarom ook per app mogelijk.