Blog van de fractievoorzitter
De afgelopen weken stonden in het teken van het asieldossier. Anderhalve week geleden was er een commissievergadering met 20 insprekers en ruim 200 mensen op de publieke tribune, gevolgd door de inhoudelijke behandeling afgelopen week. Als het aan het college ligt, besluit de raad op 5 november welke locaties worden meegenomen in het participatietraject. Maar ik vraag me af of het dan al zover is. Als je een moeilijk besluit moet nemen, is het soms wijs om er nog even een nachtje over te slapen.
Voor de commissie bleef onduidelijk op welke criteria het college de keuze voor de Huizermaatweg, Goede Herderkerk en Visio baseerde. Alternatieven, zoals de locatie voor het gemeentehuis, zijn direct terzijde geschoven. Er heerste in de commissie een breed gedeeld gevoel dat de argumentatie nogal willekeurig overkwam. Als raadslid wil je besluiten nemen op deugdelijke gronden. We hebben het college en deskundige ambtenaren om ons bij de onderbouwing van die keuzes te helpen. Die “objectivering” kwam in het stuk nog onvoldoende uit de verf. En dan zeg ik het nog netjes.
Daarnaast tasten omwonenden in het duister over de werkelijke schaal van de opvang in hun buurt. In het raadsvoorstel ontbreken concrete aantallen; in een achterliggende bijlage worden ze bij een aantal locaties genoemd. Als die cijfers kloppen, schrik je als buurtbewoner behoorlijk. Dat de wethouder terloops opmerkte dat we die aantallen “met een korrel zout” moeten nemen, helpt niet. Ik geloof de wethouder graag, maar het college moet vooraf helderheid bieden over de maximale capaciteit waarmee de inspraak wordt gestart. Nu blijft de onrust onnodig voortduren.
Tot overmaat van ramp voegde het college op het laatste moment Huizermaatweg 560 toe: een kantoorpand dat verbouwd zou worden tot deels betaalbare appartementen. Omdat asielplannen in de buurt de verkoopbaarheid zouden drukken, stelde de projectontwikkelaar voor om het hele pand maar in te zetten als opvanglocatie. Begrijpelijk vanuit diens oogpunt: het COA betaalt netjes en royaal de rekeningen. Dat het college hier welwillend tegenover staat, geeft echter te denken. Het wekt daarmee wellicht onbedoeld de indruk dat opvang in de buurt een waardeverminderend effect heeft op woningen. Of is het college gewoon blij met de aangedragen oplossing? Dat blijft nu onduidelijk. Hoe dan ook: de ontwikkelaar ontspringt de dans, maar de bewoner van een nabijgelegen appartement van 70 m² krijgt de rekening gepresenteerd. Zo pakt sociaal beleid ineens heel elitair uit. Sterker nog: de omwonenden in kwestie hebben niet eens de gelegenheid gekregen om in te spreken. Ja, ze konden een briefje schrijven.
Corinne Loenen stelde namens de VVD al klip-en-klaar dat dit voorstel nog niet rijp is voor besluitvorming in november; uitstel tot minimaal december is noodzakelijk. Ik deel haar conclusie volledig. De VVD stemt niet in met een voorstel waarvan zowel het proces als de onderbouwing op dit moment nog te veel hapert. Wat is er in onze ogen dan nog nodig: Een scherpere objectivering van de locatiekeuzes, een indicatie van de maximale aantallen waarmee de participatie wordt ingegaan en de omwonenden van Huizermaatweg 560 de gelegenheid bieden om ook in te spreken.
Laten we eerlijk zijn: nietsdoen is geen optie zolang de landelijke spreidingsdwang van kracht is. Huizen zal een bijdrage moeten leveren. Maar het standpunt van de VVD blijft onveranderd: uitsluitend kleinschalige opvang in de wijk, met voldoende draagvlak. Soms moet je een pas op de plaats maken om te zorgen dat inwoners een besluit echt kunnen dragen. Ik hoop dat het college die wijsheid toont. Kiest men voor star vasthouden aan de eigen marsroute, of zoekt men creatief naar maximaal draagvlak? Huizen verdient dat laatste.