Blog van de fractievoorzitter
Afgelopen week kwam het college met de “shortlist” van mogelijke locaties voor asielopvang in Huizen. Voor onze fractie is één ding vanaf dag één helder geweest: over besluiten met impact op de directe leefomgeving van onze inwoners onderhandelen we niet overhaast. Toen het college voor de zomer aanstuurde op een snelle besluitvorming per 1 november, hebben we samen met vrijwel de voltallige raad op de rem getrapt.
Een zorgvuldig proces vereist tijd, transparantie en bovenal: luisteren. Het voeren van gesprekken met omwonenden mag voor ons nooit een administratief afvinklijstje worden. (Direct)omwonenden moeten aantoonbare invloed kunnen uitoefenen op de voorwaarden waaronder eventuele opvang plaatsvindt. Pas daarna is de raad aan zet om een besluit te nemen over de betreffende locaties. En ga er maar vanuit dat er zorgen zijn. Dat hebben wij in september ook nog eens duidelijk gemaakt bij de behandeling van de enquêteresultaten.
Ruim twee jaar geleden heb ik al aangegeven dat ik de spreidingswet een onding vind. Eerst bezuinigt het rijk de asielzoekerscentra weg. En als de instroom weer toeneemt krijgen de gemeenten de verplichting om in de achtertuinen van mensen de vluchtelingen op te vangen. Die verplichting is in mijn ogen een schending van de gemeentelijke autonomie. Maar eerlijk is eerlijk: als ik nu burgemeester van Ter Apel zou zijn, zou mijn oordeel misschien wel anders ingekleurd zijn.
Wij zijn de verkiezingen ingegaan met de belofte dat we alleen meewerken als er sprake is van kleinschalige opvang en voldoende draagvlak in de omgeving. En zeker als je locaties op het oog hebt als de Huizermaatweg, het Gooierserf of de Goede Herderkerk speelt dat nog eens extra zwaar. Want hier vang je letterlijk de vluchtelingen op in de achtertuinen van mensen. De theoretische aantallen die nu in het rapport staan dreigen al gauw een eigen leven te gaan leiden. Die zijn wat ons betreft absoluut niet aan de orde. Je kunt je sowieso afvragen of deze locaties überhaupt wel geschikt te maken zijn voor de opvang.
Samen met Leefbaar Huizen, SGP, Dorpsbelangen en Transparant Huizen hebben we ruim twee jaar geleden de uitvoering van de spreidingswet nog wat kunnen tegenhouden. Overigens tot groot ongenoegen van de rest van de raad. Door het linker deel van de gemeenteraad ben ik wel eens vriendelijker bejegend dan in die dagen. Maar besturen is ook werken. En soms heb je er kloteklussen tussen zitten. En dat geldt ook voor het college. Zij zitten bij wijze van spreken iedere week in Haarlem om de Commissaris te vertellen hoe ver ze staan in het proces. En zo gauw ze op de weg terug de gemeentegrens passeren wacht hen een kritische samenleving en een kritische volksvertegenwoordiging. Dan ben je niet te benijden.
We zullen het proces zijn werk moeten laten doen. De spreidingswet noemt voor onze gemeente het aantal van 216 op te vangen vluchtelingen. Eerlijk gezegd verwacht ik niet dat we dat aantal gaan halen. Als volksvertegenwoordigers moeten we eerlijk zijn naar de provincie én naar onze inwoners: als we de criteria van kleinschaligheid, fysieke inpassing en draagvlak serieus nemen, dan moeten we ons ernstig afvragen of dat aantal in onze dichtbebouwde gemeente wel realistisch is.
Om de leefbaarheid te waarborgen en draagvlak te behouden, kan er wat de VVD betreft alleen sprake zijn van een zeer beperkte, kleinschalige invulling die de maatschappelijke spankracht niet overschrijdt. Het zou me verbazen als we in staat blijken te zijn om meer dan 100 vluchtelingen in Huizen op te vangen. Dat is al heel fors binnen de beperkte ruimte die we hebben. We zijn één van de dichtst bebouwde gemeenten van Nederland: veel inwoners op een kleine oppervlakte. Onze kinderen en kleinkinderen komen maar mondjesmaat aan een geschikte woning. Bijna 30% van onze sociale huurwoningen die nu beschikbaar komen, worden al toegewezen aan vluchtelingen die in Nederland mogen blijven wonen.
We hebben de wetten niet voor het uitkiezen. Maar als de wettelijke opgave de spankracht van de lokale samenleving te boven gaat, dan heb je vanuit je verantwoordelijkheid als volksvertegenwoordiger ook de plicht om een streep in het zand te zetten. Maar zover is het nog niet. De gemeente gaat met de omwonenden in gesprek om te kijken wat mogelijk en haalbaar is. Pas dan neemt de gemeenteraad een definitief besluit.