Terugblik: Kennissessie NADI – Nederland’s eigen DARPA
Op 27 mei organiseerde het Thematisch Netwerk EZI een online kennissessie over de NADI: het Nationaal Agentschap voor Disruptieve Innovatie. Ruim 80 mensen schreven zich in. Sprekers waren Beau-Anne Chilla (Deeptech-investeerder, Forward.one) en Tjerk Opmeer (Directeur Innovatie & Kennis, Ministerie van EZ). Bijzondere gast was Jelle Prins, die door de minister van EZ is gevraagd om NADI daadwerkelijk op te zetten.
Aan het einde stemden de aanwezigen: 84% vindt dat NADI er moet komen. 3% zegt nee. 14% weet het nog niet.
Dit is een samenvatting van de belangrijkste inzichten uit de sessie, aangevuld met antwoorden op de meest gestelde vragen.
Wat is NADI en waarom is het nodig?
Nederland heeft een uitstekende kennisbasis maar we zijn structureel slecht in het omzetten van wetenschappelijke doorbraken naar grootschalige toepassingen. Slechts 21,6% van de Nederlandse start-ups schaalt op — in Duitsland is dat bijna 40%, in de VS meer dan 50%. Tegelijkertijd doet deep tech het relatief goed: 39% van de Nederlandse deep tech bedrijven schaalt op en levert 41% van alle scale-ups, terwijl het maar 12% van het ecosysteem vormt.
NADI moet het gat dichten tussen fundamenteel onderzoek (NWO) en marktgereed kapitaal (VC en Invest-NL). Aan de ene kant sluit de manier waarop NWO onderzoek selecteert baanbrekende ideeën structureel uit: beslissingen worden genomen door commissies op basis van consensus, met een voorkeur voor bestaande onderzoeksvelden boven interdisciplinair of geheel nieuw onderzoek. Resultaat: veel publicaties, weinig impact. Aan de andere kant stappen durfkapitaalinvesteerders pas in als het technologisch risico grotendeels is weggenomen. Beau-Anne Chilla: “Er is een moment waarop wij als durfkapitaalinvesteerders zeggen: nu is de technologie bewezen genoeg, maar juist het gat daarvoor — daar is te weinig financiering voor.” NADI vult precies dat gat: de fase die te risicovol is voor VC, maar te gericht op impact voor NWO.
Het model is niet nieuw. DARPA bestaat sinds 1958, SPRIND in Duitsland sinds 2019, ARIA in het VK sinds 2023. De kern: een financieringsinstelling met onafhankelijke Innovation Directors met tijdelijke aanstelling (3-5 jaar), die probleemgedreven programma’s aansturen waarbij meerdere R&D-teams parallel aan oplossingen werken. Tachtig procent van de programma’s mag mislukken — succes wordt gemeten op portfolio niveau, omdat één doorbraak genoeg economische en strategische waarde kan genereren om alle mislukkingen ruimschoots te compenseren.
Wat is de stand van zaken?
Het coalitieakkoord reserveerde €500 miljoen voor een kapitaalstorting. Maar er zijn nog een aantal openstaande vraagstukken, waaronder:
- De saldo-neutraliteits vraag. Het coalitieakkoord stelt dat de storting “saldo neutraal” moet zijn, dus NADI moet in feite revolveren. Maar NADI investeert in een fase waarbij er nog geen businessmodel is. Rendementsverwachtingen koppelen aan zulke vroege innovaties kan het model ondermijnen. Er wordt nog gekeken naar mogelijke alternatieven: ofwel omzetten naar saldo relevante middelen, ofwel samenwerking met andere departementen zoals Defensie of Landbouw die een eigen innovatieopgave hebben.
- De samenwerking met de Defensie Innovatie Autoriteit. Tegelijk met NADI wordt ook een Defensie Innovatie Autoriteit (DIA) opgericht. Die richt zich op hogere ‘Technology Readiness Levels’ (6-9), dus toepassingen die Defensie al kan inkopen. NADI zit eerder in de keten (TRL 3-7) en is sector-breed. De twee organisaties worden apart aangestuurd, maar moeten goed op elkaar aansluiten.
Qua tijdlijn wordt er op dit moment gewerkt aan het definitieve plan met afspraken. Vervolgens komt het wetsontwerp en moet het initiële team worden aangesteld. De parlementaire behandeling (en oprichting) wordt voor 2027 beoogd.
De meest gestelde vragen en antwoorden
Is €500 miljoen genoeg? Kort antwoord: waarschijnlijk niet. ARIA in het VK heeft £800 miljoen over vier jaar (en loopt op). SPRIND in Duitsland heeft ambitie richting €700-800 miljoen per jaar. Het ontwerpvoorstel spreekt over €1-2 miljard over vijf jaar als minimum voor een effectief portfolio. Het bedrag uit het coalitieakkoord is een politiek startpunt, geen definitief budget.
Waarom niet Europees aanpakken? Beau-Anne: “In een ideale wereld zou dit op Europees niveau worden uitgerold, maar door het nu nationaal te doen kunnen we zelf de snelheid bepalen en de vrijheid geven die de organisatie nodig heeft.”. SPRIND financiert al Europees breed en de gedachte is om uiteindelijk samen te werken met SPRIND en ARIA per programma, afhankelijk van het onderwerp.
Hoe voorkom je dat het toch weer een subsidieloket wordt? Dit is nog wel een kernvraag. Net als ARIA in het VK en SPRIND in Duitsland moet NADI een privaatrechtelijke entiteit in publiek eigendom worden, met wettelijk verankerde autonomie. Jelle Prins: NADI moet problemen definiëren, niet oplossingen voorschrijven. Beslissingen liggen bij de Innovation Director, niet bij commissies. De centrale vraag bij elk programma is niet ‘past dit in bestaand beleid?’ maar: verandert dit de wereld als het lukt?
Hoe verschilt NADI van TNO of het Nationaal Groeifonds? TNO doet toegepast onderzoek. Het Nationaal Groeifonds financiert consortia. Invest-NL en VC financieren bedrijven die de markt al naderen. NADI zit tussenin: het neemt het wetenschappelijke risico weg dat geen enkele andere partij wil dragen. Een VC stapt pas in zodra de technologie fundamenteel bewezen is; NWO financiert onderzoek maar stuurt niet op markt toepassing. NADI doet precies dat tussenstuk. Daarbij richt het zich op problemen, niet op technologieën.
Wat als een bedrijf succesvol is, gaat het dan naar Silicon Valley? Dit is een terechte zorg. Beau-Anne: “We hebben een vliegwiel nodig. Meer tech-innovaties leiden tot grotere bedrijven, die leiden tot meer Europese investeerders en meer rendement dat gecirculeerd kan worden. NADI is een logische interventie, maar geen gouden bullet.”
Moet dit niet aan de markt overgelaten worden? Nee, want de markt financiert geen fase waarbij de fundamentele technologie nog niet bewezen is. Durfkapitaal investeerders hebben een rendementsprofiel dat dit risico uitsluit. NADI vult precies het gat dat de markt structureel laat liggen.
Wat vonden de deelnemers?
De sessie leverde een rijke discussie op. Enkele opvallende observaties uit de chat:
Meerdere deelnemers vroegen naar de launching customer: wie koopt uiteindelijk de producten die NADI financiert? Bij DARPA is dat altijd Defensie geweest. Voor NADI is het antwoord breder — de overheid kan op meerdere domeinen launching customer zijn (Defensie, Landbouw, Zorg), maar dat vergt actief beleid om die rol ook te pakken.
Er was discussie over industriële autonomie: zelfs als NADI doorbraken financiert, belanden exits vaak bij Amerikaanse of Chinese partijen. NADI lost dat niet alleen op, maar het is een noodzakelijk onderdeel van een bredere strategie.
Politieke continuïteit werd als risico benoemd: een gemiddeld kabinet duurt 2,5 jaar, DARPA bestaat al 67 jaar. Daarom moet de autonomie wettelijk worden verankerd, zodat een volgend kabinet niet zomaar kan ingrijpen.
Als TN EZI houden we de voortgang van NADI in de gaten en overwegen een diepgaande expertsessie rondom dit onderwerp. Heb je relevante expertise en wil je meedenken? Neem dan contact met ons op.