Inloggen Lid worden
  • Kernenergie is een schonere en stabiele energiebron. Om onze verantwoordelijkheid te nemen in de energietransitie willen wij vooral een actieve opstelling ten opzichte van kernenergie. Een autonome energieproductie is, zeker gezien de internationale onzekerheden, terecht drijvende kracht achter politieke besluiten voor de toekomst. Gezien de beperkte aansluiting op het Nederlandse energienet is een versterking van de energievoorziening van Limburg voorwaardelijk voor het blijven bestaan van de industrie in Limburg (papier, keramiek, chemie, glas, steenwol). We hebben energie-intensieve gebruikers met behoefte aan stabiele stroomvoorziening, grote hoeveelheden warmte en de eventuele productie van waterstof en synthetische brandstoffen. Kernenergie vormt een gedegen basis voor economische acquisitie voor de regio, vandaar dat de VVD bewust kiest voor kernenergie in de combinatie van verschillende energiebronnen. De vruchten van kernenergie mogen geplukt worden door de mensen in de omgeving. Zowel door het vergroten van de aantrekkelijkheid van het vestigingsklimaat en daarmee het stimuleren van de werkgelegenheid. En ook door inwoners direct mee te kunnen laten profiteren als gevolg van lagere energierekeningen en vormen van winstdelingen.
  • Het provinciale bestuur heeft wat de VVD betreft een belangrijke rol bij realisatie van
    kernenergie in Limburg. Deze rol begint onder andere bij het faciliteren van marktpartijen, zowel energieleveranciers die een kerncentrale willen uitbaten als het stimuleren van een vestiging van producenten van kernreactoren (SMR’s). Daarnaast ligt er ook een verantwoordelijkheid om in gesprek gaan met grootverbruikers over potentiële inkoop van kernenergie. Een eerste stap is reeds gezet door het in kaart brengen van geschikte locaties. Immers, uit onderzoek door de Provincie blijkt dat kleine modulaire reactoren van 200 – 300 MWe met gebruik van oppervlaktewater bijvoorbeeld langs de Maas en mini modulaire reactoren van 20 – 50 MWe met luchtkoeling technisch haalbaar kunnen zijn om vanaf 2030-2035 te voorzien in onze energiebehoefte. De Limburgse VVD ziet deze opties van kernenergie als essentiële toevoeging naast andere duurzame energiebronnen en zet daarom in op uitwerking van deze mogelijkheden, bijvoorbeeld in de nabijheid van energie-intensieve industrie zoals Chemelot. De komende jaren is het zaak om als Limburg met het Rijk samen te werken om geschikte locaties qua wet- en regelgeving klaar te maken voor kernenergie. De Limburgse VVD staat niet afwijzend tegenover participatie in deze energiecentrales, net zoals in het verleden is gedaan met Limagas, Plem, Mega en Essent. Dan kan iedere Limburger meeprofiteren doordat geld wordt verdiend voor de Limburgse kas.
  • We willen dat Provincie Limburg samen werkt met Zeeland en Brabant zodat gelijktijdig
    in iedere provincie meerdere initiatieven worden opgestart.
  • Duurzaam opwekken van energie kan alleen in samenspraak gaan met behoud van
    natuur, omdat we ons unieke Limburgse landschap koesteren. Grootschalige energieopwek door zonneparken of windmolens kan een effectief middel zijn in de energietransitie, maar deze nemen ook veel ruimte in beslag. Vandaar dat zon-op-dak de norm moet worden in Limburg met de provinciale gebouwen en industrieterreinen als voortrekkersrol. Zonneweides worden uitsluitend toegestaan bij multifunctioneel ruimtegebruik, bijvoorbeeld in combinatie met versterken van de biodiversiteit of in de bermen van provinciale wegen. Voor nieuwe windmolens geldt dat deze gerealiseerd mogen worden wanneer er lokaal draagvlak is én als wordt voldaan aan strenge afstandsnormen naar omwonenden.
  • Uiteraard trekt de Provincie ook samen met gemeenten op om te kijken naar andere vormen van energieopwekking zoals geothermie, aquathermie en groen gas. Dit zijn veelbelovende technieken die gerichte aandacht verdienen in de plannen voor de provinciale energiestrategie. Hetzelfde geldt ook voor de transitie rondom warmte, het gebruik van restwarmte moet samen met gemeenten en industrie voortvarend worden opgepakt.
  • De nieuwe landelijke Wet collectieve warmtevoorzieningen voorziet de oprichting van warmtebedrijven. Dit kan voor Limburgse gemeenten en inwoners veel gevolgen hebben. Om hierbij enerzijds wildgroei van lokale bedrijven te voorkomen en anderzijds te zorgen dat alle gemeenten de warmtetransitie kunnen realiseren wordt ingezet op één provinciaal warmtebedrijf voor Limburg.
  • Voor alle grote regionale energieprojecten geldt dat deze in samenspraak met de
    omgeving moeten worden uitgevoerd. Participatie, overleg en inspraak van direct betrokkenen is een randvoorwaarde, tevens is lokaal eigenaarschap gewenst.
  • Plannen voor duurzame energieopwek blijven luchtkastelen wanneer niet wordt gewerkt
    aan een versterking van het energienet. De huidige netwerkschaarste beperkt de komst van nieuwe duurzame energiebronnen. Een taak voor de Provincie om de regierol te pakken zodat netbeheerders de netcapaciteit verbeteren en moderniseren.
  • In de huidige energiecrisis is het cruciaal om in te zetten op versnellen en versimpelen
    van bestuurlijke procedures. De Provincie zet in op minder complexe regelgeving, kortere vergunningsprocedures en faciliteert initiatiefnemers die willen verduurzamen met het aanvragen van subsidies. Het aanvragen van een vergunning voor aardwarmte moet een kwestie van weken of maanden zijn, niet van jaren zoals het nu vaak het geval is. Zodat de glastuinbouwer in Noord-Limburg, de industrie op Chemelot, maar ook elke Limburger die aan de slag wil gaan met isoleren van de spouwmuren aan de slag kan gaan.
  • Het Limburgs Energiefonds (LEF) moet ook in toekomst een centrale rol spelen bij de verdere verduurzaming van onze samenleving. Daarbij moet de nadruk nog meer komen te liggen op de triple helix samenwerking tussen overheid, onderwijs en ondernemers die gezamenlijk werk maken van de duurzaamheidstransitie. Het LEF moet ook de samenwerking zoeken met de gemeenten die verenigd zijn in de twee Limburgse regionale energiestrategieën zodat we de kansen grijpen voor innovatie en werkgelegenheid.
  • In de klimaattransitie wordt veel van ons gevraagd, zeker ook van bedrijven. Een eerste belangrijke stap in verduurzaming ligt in duurzame ‘last mile’ oplossingen waarbij voor transport van goederen emissiearme transportmiddelen worden gebruikt. In het belang van onze economische positie moet er door de ligging in de grensregio ook voor worden gewaakt dat deze opgave zo veel als mogelijk samen opgepakt wordt met België en Duitsland. Het gevaar dat banen naar de andere kant van de grens verplaatsen ligt op de loer. Zo wint het klimaat immers niets, en verliest onze economie.
  • Provinciale aandacht vraagt de problematiek rondom de glastuinbouw in Noord-Limburg. Deze ondernemers zitten echt klem omdat de beoogde realisatie van aardwarmte door de Staatstoezicht op de Mijnen is stilgelegd. De Provincie moet samen met de ondernemers en gemeenten werken aan een oplossing voor deze sector en bij de Rijksoverheid aandringen op helderheid voor toekomstige aardwarmteprojecten zodat de glastuinbouw weer toekomstperspectief krijgt.
  • De Provincie investeert in innovatieve projecten op het gebied van waterstof (respectievelijk andere energiedragers) en energieopslag. Nieuwe opslag- en tanklocaties voor waterstof en laadpaalinfrastructuur worden samen met alle gemeenten in heel Limburg gerealiseerd. Ter ondersteuning wordt er een Provinciaal Energie Opslagplan opgesteld. In dat kader vindt ook een verdere verduurzaming plaats van het provinciale wagenpark en wordt bij nieuwe OV concessies ook gericht ingezet op gebruik van elektrische voertuigen of waterstof als brandstof.
  • Circulariteit en grondstoffentransitie hebben de toekomst wanneer het gaat om verminderen van grondstofgebruik en innovatie. Op Limburgse industrieterreinen worden momenteel nog volop fossiele grondstoffen zoals aardgas gebruikt. Door samenwerking tussen ondernemers, onderwijs, onderzoek en overheid moet onze provincie uitblinken met bijvoorbeeld een voortrekkersrol voor Chemelot om in 2050 volledig duurzaam en circulair en daarmee koploper te worden in heel Nederland. Dat vraagt wel om een andere manier van handelen en ruimte in provinciale toekomstplannen, om toegang voor Limburg tot alternatieve energiebronnen buiten onze provinciegrenzen en om inzet van buisleidingen als transportroute voor duurzame energiebronnen.
  • De klimaatveranderingen worden voor elke Limburger zichtbaar door toenemende weerextremen. Een uiterste daarvan is schaarste van water. Voor Limburg moet in samenwerking met lokale overheden en waterschap een beter aanvalsplan komen zodat in de zomermaanden meer water
    kan worden vastgehouden als drinkwatervoorziening, ter versterking van onze natuur en ter afkoeling voor alle Limburgers.
Confidental Infomation