Inloggen Lid worden

Grens bereikt voor Zaanse wethouders, groeiend wantrouwen rond GroenLinks-PvdA-leider Köseoglu splijt politiek: ’Dit is een gevaarlijk patroon’

29 maart 2026

Al bij het eerste debat van de toekomstige Zaanse gemeenteraad lijken de verhoudingen tussen drie van de grootste partijen onherstelbaar beschadigd. De ruzie richt zich op GroenLinks-PvdA-leider Eylem Köseoglu, die door meerdere fracties wordt uitgesloten als coalitiepartner. Ze zou haar politieke tegenstanders onder druk zetten met klachten en juridische stappen. Twee wethouders spreken van een ’gevaarlijk’ patroon en besluiten ’het spel uit de achterkamertjes’ publiek te maken.

Het donderde en bliksemde tijdens het eerste debat van de nog te beëdigen gemeenteraad. Officieel was de insteek het duiden van de verkiezingsuitslag in Zaanstad, maar drie partijhoofden kaapten het gesprek met onderling geruzie en verwijten.

Als een onvoorspelbare vulkaan barstte Harrie van der Laan (POV) donderdagavond uit. Hij kon zich niet inhouden na de speech van Eylem Köseoglu, die namens GL-PvdA (het toekomstige Progressief Nederland) sprak over persoonlijke aanvallen, verdachtmakingen en frames tijdens de campagne. Ze wees de ’huidige bestuurscultuur’ aan als schuldige.

Een patroon
Van der Laan sloeg in zijn spreektijd terug met de mededeling dat hij en Stephanie Onclin (VVD) deze maand ’een klacht’ tegen zich ingediend kregen. Afzender zou Köseoglu zijn, die zich tijdens een verkiezingsdebat eind februari ’politiek- en sociaal onveilig’ zou hebben gevoeld.

De twee wethouders sloten toen een samenwerking met haar uit. Niet vanwege politieke verschillen, maar vanwege het gebrek aan vertrouwen in Köseoglu zelf.

Van der Laan en Onclin lichten in een gesprek met deze krant toe dat de klacht op hen persoonlijk lijkt te zijn gericht. Hun uitleg: ook het CDA gaat niet met Köseoglu samenwerken in een volgend stadsbestuur, maar fractievoorzitter Julie van ’t Veer kreeg géén klacht. Zij bevestigt die gang van zaken.

Uit een e-mail blijkt dat burgemeester Jan Hamming op 12 maart is benaderd door Köseoglu met een ’klacht/melding’ aan het adres van Van der Laan en Onclin. Hamming nodigt de drie betrokken politici uit om hun dispuut bij hem op kantoor uit te praten. Daar bedanken de twee afzwaaiende wethouders voor.

Ze menen dat de klacht van Köseoglu niet op zichzelf staat. Het past volgens hen in een patroon waarin ze het afgelopen jaar verschillende collega’s onder druk heeft gezet met klachten, aangiftes of juridische dreigementen. „Ik ga mij niet meer inhouden”, aldus Van der Laan. „Als je haar een hand geeft, moet je je vingers natellen.” Onclin voegt toe: „Hoe ongemakkelijk en onwenselijk het misschien ook is om persoonlijk te worden.”

De adrescontrole
Samen reconstrueren ze meerdere momenten die het onderlinge wantrouwen hebben gevoed. De eerste in januari 2025. Tijdens een overleg op het stadhuis vertelt Köseoglu dat ze een adrescontrole bij haar thuis heeft gehad.

Vier bestuurders en drie raadsleden bevestigen onafhankelijk van elkaar dat ze beweert dat het om het interventieteam gaat, en dat ze wil aantonen dat de ondermijningsaanpak van Zaanstad niet deugt. „Waar slaat dit op, dachten we”, herinnert Van der Laan. „Ik zei: mail mij even, dan vraag ik na wat er is gebeurd.”

Uit de rapportage van het huisbezoek blijkt dat de controle onderdeel was van de Landelijke Aanpak Adreskwaliteit en niet het interventieteam. Dat kan ook niet, aangezien het adres niet in Zaandam-Oost ligt, het werkgebied van dit team.

Reden voor de controle was dat brieven van het Centraal Justitieel Incassobureau voor een andere persoon op het adres onbeantwoord bleven. Toezichthouders krijgen de opdracht om na te gaan of de juiste persoon er nog woont.

Eenmaal aan de deur laat Köseoğlu weten dat zij fractievoorzitter van de PvdA is. De Zaanse ambtenaren vinden de manier waarop zij worden aangesproken onprettig en voeren de controle niet uit.

’Hamming moet aftreden’
Een paar dagen later benadert Köseoglu deze krant voor een interview. Haar punt: inwoners met een niet-Nederlandse achtergrond, een laag inkomen of een adres in Zaandam-Oost hebben een grotere kans om door de gemeente in de gaten te worden gehouden. Ze heeft een voorbeeld paraat om haar bewering te ondersteunen. „Het is niet normaal dat iemand uit Poelenburg een huisdoorzoeking krijgt, omdat hij een verkeersboete heeft gekregen.”

Onclin noemt het bewuste interview nu doorgestoken kaart en wijst op de feitelijke reden van de adrescontrole.

In hetzelfde interview stelt Köseoglu dat de Nationaal Coördinator hier ’discriminatoir handelen en institutioneel racisme’ in ziet. Burgemeester Jan Hamming – verantwoordelijk voor de aanpak – vindt dat een harde beschuldiging en wordt woedend. „Telkens weer de schijn opwekken dat sprake is van discriminatie en institutioneel racisme moet echt afgelopen zijn”, foetert hij in de raadszaal.

In de periode daarna belt Köseoglu rond bij verschillende coalitiepartners. Ze zoekt steun om de burgemeester en drie wethouders te laten aftreden vanwege het dossier interventieteam. Vier politici melden in verschillende bewoordingen dat ze aanstuurt op het opstappen van het hele college. Nog eens drie raadsleden zeggen de geruchten te kennen, maar werden niet benaderd.

PvdA-rel
Het volgende moment dat Van der Laan en Onclin aanstippen, is de ruzie binnen de PvdA afgelopen zomer. Op dat moment de partij van Köseoglu. Aanleiding is haar bijdrage aan een publicatie van Follow The Money in juni over het interventieteam. Ze eist meer transparantie van de gemeente en wil onafhankelijk onderzoek naar de werkwijze.

Vijf partijgenoten zeggen te worden verrast door haar uitlatingen. Het is voor hen de druppel: de fractie wil breken met Köseoglu. In een brief wordt gesproken over ’ernstige verschillen van inzicht over samenwerking, politieke koers en informatievoorziening’. Nog eens vijf partijen – Rosa, VVD, CDA, GroenLinks en POV – scharen zich openlijk achter de vijf PvdA’ers.

De reden gaat dieper dan haar standpunt over het interventieteam. Al sinds 2014 is er onvrede over Köseoglu’s gedrag en functioneren, zeggen haar partijgenoten in juni in een verklaring. Solistisch handelen, buiten de fractie om afspraken maken, te laat moties indienen zodat ze niet meer besproken kunnen worden, veel afwezig bij vergaderingen, kwaadspreken over fractieleden.

„Dat maakt dat we niet meer weten wanneer je eerlijk bent”, staat er in hun statement, gedeeld met deze krant. „Dat geeft een moeilijk en onbehaaglijk gevoel. Waarin we ons ook niet langer meer veilig voelen.”

Köseoglu is niet van plan op te stappen. Er volgt een ultimatum: ze krijgt een paar dagen om haar vertrek aan te kondigen en zich terug te trekken uit de race voor fractieleider van GroenLinks-PvdA. Zo niet, dan volgt een persbericht zonder haar inbreng. Köseoglu doet aangifte bij de politie en schakelt advocaat Richard Korver in.

„Cliënte wijst erop dat zij wekenlang stelselmatig onder druk is gezet, gechanteerd en bedreigd”, schrijft hij aan de groep PvdA’ers. „Voor deze gedragingen heeft cliënte aangifte gedaan wegens chantage, afdreiging en afpersing. Zij houdt u en de uwen dan ook hoofdelijk aansprakelijk voor de reeds geleden en nog te lijden schade.”

Uiteindelijk gaat het lokale partijbestuur in zee met Köseoglu als partijleider van Zaanstad. De landelijke afdeling stemt daar later mee in. Vijf PvdA’ers en twee politici van GroenLinks stappen per direct op. Onder wie oud-wethouders Wessel Breunesse (GroenLinks) en René Tuijn (PvdA), die desgevraagd kort terugblikken op hun aftreden.

„Als iemand uit je eigen partij een advocaat op je afstuurt, is het voor mij duidelijk”, zegt Breunesse. Tuijn: „Het verbaast mij totaal niet dat er nu weer klachten van Köseoglu bij andere wethouders liggen. Op het moment dat je iets doet dat haar dwars zit, doet ze aangifte of haalt ze er een advocaat bij.”

Politieke strategie
Alle gebeurtenissen en de recente klacht over de politieke- en sociale onveiligheid sterken Onclin en Van der Laan in hun beslissing om niet met haar te willen samenwerken in een coalitie. „Ze probeert mensen uit te schakelen en te beschadigen door klachten in te dienen,” aldus Van der Laan. „Eylem heeft een eigen agenda en alles draait alleen om haar.”

Hij zegt niet bang te zijn voor Köseoglu’s tactiek. „Ik durf haar wel aan. Als je politiek wil spelen, spelen we het spel ook uit. Ik ben er goed in, ik loop niet voor Eylem weg.” Zijn motief om de media op te zoeken? „Zodat iedereen weet van haar spelletjes. Klagen en dreigen met advocaten is haar modus operandi.”

Onclin voelt ongemak over de gekozen manier om het dispuut uit te vechten. „Maar juist door stil te blijven, ontstaat een vertekend beeld. Voor mij is de grens bereikt. Dit gaat niet alleen over mij of Harrie. Het gaat over een patroon dat gevaarlijk is voor het vertrouwen in de politiek. De kiezer heeft het recht om te weten wat er allemaal achter de schermen gebeurt.”

Reactie Köseoglu
Fractieleider Eylem Köseoglu wenst alleen te reageren met een appje. Meerdere verzoeken voor een interview slaat ze af. „Laat ik helder zijn: ik heb geen klacht ingediend tegen deze collega’s, er zijn geen juridische stappen door mij gezet en ik was dat ook niet van plan. Ook is er geen sprake van een aangifte. Dat beeld klopt simpelweg niet.”

„Zaanstad verdient betere politiek dan dit. De afgelopen periode is het te vaak gegaan over elkaar, over personen, verdachtmakingen en insinuaties. Dat heeft geleid tot veel ruis en daar is niemand bij gebaat. In een vertrouwelijk gesprek met de burgemeester zijn zorgen gedeeld, zoals dat hoort in een zorgvuldige bestuurscultuur. Hoe dat vervolgens is geïnterpreteerd of overgebracht, daar heb ik geen invloed op gehad.”

„Tegelijkertijd heeft de kiezer een duidelijk signaal afgegeven: politiek op de persoon wordt niet beloond. Politiek betekent verantwoordelijkheid nemen. Over je eigen schaduw heen stappen. En doen wat nodig is voor de stad, niet wat politiek het makkelijkst is. Dat is wat inwoners van Zaanstad van ons verwachten en dat is wat zij verdienen. Daar ligt mijn focus. Verder ga ik er niet meer over zeggen.”

Bron: NHD d.d. 28-03-2026

Confidental Infomation