- Gratis openbaar vervoer bestaat niet: de kosten verdwijnen niet, ze worden doorgeschoven naar de Utrechter. Dat betekent hogere lasten voor iedereen, ook voor mensen die nauwelijks gebruikmaken van het OV. De VVD vindt dit niet eerlijk en niet uit te leggen. Utrechters betalen al genoeg belasting. Het is dan ook logisch dat degene die gebruik maakt van het OV hier zelf voor betaalt.
- De VVD wil zo snel mogelijk onderzoek naar de mogelijkheden van een fietssnelweg naar en van Rijnenburg.
- We pleiten voor een tijdige aanleg van een tramlijn naar Rijnenburg, om in te zetten op de ontsluiting
van Rijnenburg. De VVD heeft hiervoor zelf een initiatief gelanceerd: de Rijnenburglijn (via Papendorp). De gemeente doet op dit moment samen met de provincie en het Rijk onderzoek
naar een andere lijn, namelijk de Merwedelijn. De huidige plannen voor de Merwedelijn bevatten echter nog geen concrete verbinding naar Rijnenburg. Een verbinding naar Rijnenburg is voor ons essentieel. We zijn alleen voor een gemeentelijke bijdrage aan de Merwedelijn als de verbinding naar Rijnenburg vaststaat. Zonder verbinding naar Rijnenburg is de totale investering in de Merwedelijn (2-2,5 miljard) te groot en zijn de opbrengsten in woningbouw te klein. - We laten de bestaande wegverbindingen in de stad in stand. Er komen dus geen knips meer in bestaande verbindingen en we handhaven de weginrichting zo veel mogelijk. De Catharijnesingel, Carnegiedreef en Mr. Tripkade blijven dus open. Versmallen van wegen doen we niet, tenzij dat aantoonbaar past en niet leidt tot files of onveilige situaties voor hulpverleners.
- Utrecht moet ook met de auto bereikbaar blijven, daarom wil de VVD dat Utrechters op belangrijke verbindingswegen (hoofdrijbanen buiten de bebouwde kom) 50 km/h kunnen blijven rijden. Voorbeelden hiervan zijn de Vleutensebaan, Landschapsbaan, Einsteindreef en de Kardinaal de Jongweg. De snelheid hier aanpassen naar 30 km/h is onacceptabel en levert alleen maar vertraging op.
- In woonwijken is de VVD Utrecht voorstander van geleidelijke aanpassing van de maximumsnelheid naar 30 km/h mits dit aantoonbaar beter is voor de (verkeers)veiligheid en leidt tot minder ongelukken. Zo maken we woonwijken veiliger en prettiger voor bewoners, fietsers en spelende kinderen.
Ruimte geven. Grenzen stellen.