De VVD benadrukt dat goede publieke dienstverlening vraagt om een logisch en bereikbaar systeem dat afval vermindert zonder het serviceniveau te verlagen. De recente inzet van ROVA laat zien hoe belangrijk die balans is. Vanuit die insteek steunt de VVD de verkennende koers van het college en vraagt zij om verdere verbeteringen in de dienstverlening.
De afgelopen weken heeft ROVA onder winterse omstandigheden laten zien hoe de overheid er voor jou is en wat goede publieke dienstverlening is. Zwolle bleef op de meeste plekken begaanbaar, met wat ik hoorde, soms diensten van meer dan 30 uur achter elkaar. Mooie voorbeelden van hoe het serviceniveau op orde is: problemen worden voorkomen in plaats van verplaatst. Dat is voor de VVD het vertrekpunt voor dit debat over de haal- en brengvoorzieningen.
Voor de VVD draait het om een balans tussen drie elementen:
het verminderen van afval zowel zichtbaar op straat als voor het milieu, het serviceniveau van de overheid voor Zwollenaren die goed willen scheiden en de kosten. Die driehoek is kwetsbaar. Meer service kan het meeste afval van straat halen, maar verhoogt de kosten. Te weinig service lijkt goedkoper, maar leidt in de praktijk tot minder scheiding en meer afval op straat. De uitdaging is om ze in balans te houden.
De VVD is daarbij kritisch op het idee, dat we in het stuk terugzien, dat je afval vermindert door het serviceniveau te verlagen en het inleveren lastiger of duurder te maken. De praktijk laat zien dat dit vooral leidt tot afval op de verkeerde plek. Zwollenaren zijn bereid mee te werken, zolang het systeem logisch, bereikbaar en eerlijk is.
Als we kijken naar de voorstellen en onderzoeken van het college, zien wij een duidelijke beweging richting meer service en betere bereikbaarheid. Dat waarderen we. Het gaat vooral om onderzoeken en verkenningen, die op dit moment nog geen grote financiële of beleidsmatige impact hebben. De VVD kan deze voorstellen daarom steunen, juist omdat ze ruimte laten om keuzes later zorgvuldig te maken. Wel willen wij daarbij een aantal kaders meegeven.
Hardwerkende Zwollenaren ruimen, klussen en snoeien vooral op momenten dat ze vrij zijn: in de avonden, in weekenden en vaak rond feestdagen. Wat de VVD betreft zou ROVA dus ook op enkele zon- of feestdagen of in de avonduren bereikbaar moeten zijn en zou dit bijvoorbeeld kunnen worden gecompenseerd door sluiting op momenten dat de meeste Zwollenaren tóch werken. Daarmee sluit de dienstverlening beter aan op het leven van inwoners, zonder dat de kosten automatisch oplopen. Ziet de wethouder ruimte om dit verder te verkennen, bijvoorbeeld via pilots? Wat ons betreft past dat goed binnen de onderzoeken die nu voorliggen.
Tegelijkertijd willen wij ook vooruitkijken naar de materialenhubs of mini-milieubrengstations. Misschien zijn deze een sleutel om meerdere vraagstukken tegelijk aan te pakken: bereikbaarheid, openingstijden en betere scheiding van afvalstoffen, passend bij het grondstoffenbeleid. In welk tempo kunnen we deze hubs verwachten? De VVD zou een eerste hub in bijvoorbeeld Stadshagen logisch vinden, kan de wethouder daar iets over zeggen?
En als deze hubs dan in de wijken makkelijk te bereiken zijn, kan dan op termijn ook in samenhang worden gekeken naar de effectiviteit en kostenefficiëntie van bestaande regelingen zoals het ophalen van grof huishoudelijk- en tuinafval? Vanuit de VVD zien wij kansen om dan juist meer te investeren in voorzieningen die Zwollenaren dagelijks gebruiken, zoals het op loopafstand plaatsen van ondergrondse containers of het vaker legen van de PMD-container in de wijken. We zijn benieuwd of de wethouder zo’n verschuiving ook als kans ziet.
De VVD steunt de afwegingen die het college nu maakt, juist omdat ze gericht zijn op betere service en ook nog verkennend zijn. Wij geven daarbij wel het kader mee: houd de balans tussen minder afval op straat, een passend serviceniveau voor Zwollenaren die hun best doen en betaalbare kosten. Binnen dat kader zien wij graag dat het college de voorstellen verder uitwerkt en met concrete vervolgstappen komt.