#15 – Diny van de Geijn-Graven, Schoonloo
- Kandidaat GR26
Mijn jeugd heb ik doorgebracht tussen de rivieren in het Land van Maas en Waal, waar ik geboren ben als Diny Graven in een klein Gelders dorp (Wamel). Al vele jaren ben ik gelukkig met Bert en met de naam Van de Geijn-Graven. We hebben zes kinderen en ons vierde kleinkind zal kort na de verkiezingen worden geboren. We wonen in Schoonloo aan de weg naar Grolloo.
Met het opgroeien van de kinderen, groeide mijn betrokkenheid en het vrijwilligerswerk mee vanaf het bestuur van de peuterspeelzaal. De veel te lage salariëring van de peuterspeelzaalleidsters was aanleiding om de eerste stappen op het politieke pad te zetten en als dat dan succesvol is en je samen het doel bereikt, komt er min of meer vanzelf meer op je pad. Dat leidde er bijvoorbeeld toe dat ik tien jaar het secretariaat voerde van een breed samenwerkingsverband tegen een grootschalige binnendijkse ontzanding: de Witte Coalitie. Hierin participeerden alle politieke partijen, standsorganisaties en de kerken die gronden hadden in het gebied dat ontgrond zou worden. De naam de Witte Coalitie vloeit voort uit het feit dat wit een zogenaamde optelkleur is, bestaande uit een combinatie van alle kleuren. Bij wit licht worden alle kleuren even sterk uitgezonden. Vandaar deze keuze.
Mijn inzet voor de Witte Coalitie leidde vervolgens tot een zevenjarig dienstverband als fractiemedewerker van een Statenfractie. Toen ik zelf Statenlid was, was het beëindigen van de aanwijzing van deze ontgrondingslocatie een succes waar ik met veel plezier de afsluitende speech voor mocht houden. Ik weet uit ervaring dat politiek-bestuurlijke samenwerking wezenlijk is om gestelde doelen te kunnen bereiken. Belangrijk in de politiek is ook om elkaar wat te gunnen en de relatie goed te houden.
Ruim 25 jaar ben ik ondernemer. Ik ben eigenaar van een notuleer- en transcriptiebureau voor Midden- en Zuid-Nederland (More Support) en een notuleerbureau voor Noord-Nederland (DN Best Practice). More Support verzorgt ook projectondersteuning en is met name gericht op de overheid. Ik heb in die 25 jaar in alle bestuurslagen ervaring mogen opdoen, maar ook bij pensioenfondsen, subsidiefondsen, de zorgsector, vervoer stichtingen, verenigingen en verenigingen van eigenaren. Wanneer je in zoveel keukens mag binnenkijken, dan krijgt de theoretische kennis veel meer dimensies, zeker wanneer je betrokken raakt bij belevingsonderzoeken in vele commerciële sectoren. Ik heb een breed en gelaagd beeld.
In eerste instantie heb de bibliotheek- en documentatie-academie (Hbo) afgerond, een managementopleiding voor de non-profitsector en heb daarna gekozen voor WO bestuurskunde, gevolgd door enkele korte opleidingen aan de School voor de Journalistiek. Eigenlijk allemaal opleidingen voor mensen die niet willen kiezen. Daarom past de breedte van de politiek me ook zo goed.
Voordat ik met een eigen bedrijf startte, werkte ik bij de Gelderse bibliotheekcentrale, als stafmedewerker in een gecombineerde zorginstelling in de ouderenzorg en als teammanager zorgopleidingen binnen een ROC.
De leukste opleiding die ik in de afgelopen jaren heb gevolgd, is de Drenthecursus van het Huus van de Taol. De cursus is natuurlijk gericht op het gesprek, de ‘schrieverij’, maar ook op Drentse literatuur en ‘streektaalmeziek’. Het bordje ‘Hier kuj Drents praoten’ hangt bij de voordeur als teken van de goede intentie.
Ik ben allergisch voor onrechtvaardigheid en (bestuurlijke) arrogantie. Goed beleid begint met het respecteren van anderen. En ja, “als je hier niet weg komt” zoals ze in Drenthe zeggen, dan ben ik nòg meer aan mezelf, de partij en de inwoners van de verschillende kernen verplicht om zorgvuldig te luisteren. Ik heb geleerd dat eigenlijk alle onderwerpen interessant zijn naarmate je er meer in verdiept. Naast de bereidheid om te luisteren, moet je de bereidheid hebben om uit te zoeken wat er écht speelt ìn en rond een dossier en het lef hebben om te handelen naar je bevindingen.
Mijn speerpunten als kandidaat zijn:
Verbetering van de leefbaarheid – Het zou mooi zijn als campingwinkels ook in de eerste behoeften aan boodschappen van de dorpsbewoners kunnen voorzien.
Seniorenhuisvesting in iedere kern zodat oudere bewoners niet weg hoeven uit het dorp dat voor hen ‘thuis’ is.
Een gemeente die actief meedenkt in initiatieven op het gebied van de ruimtelijke ordening.
Veiligheid op straat, in onze bossen, rond onze huizen en sociale veiligheid – Verkeersongevallen kun je helaas niet altijd voorkomen, maar dodelijke ongevallen eisen goed onderzoek en een adequate aanpak om herhalingen te voorkomen.
Goed openbaar vervoer en goed publiek vervoer (voor doelgroepen) – Aangepast vervoer voor hele jonge kinderen in het leerlingenvervoer, uitgaande van een maximale reistijd per dag, zodat er energie bij de kleintjes overblijft om zich te ontwikkelen. Vierjarigen horen geen drie uur per dag in het leerlingenvervoer te zitten.
Ondersteunen lokale werkgelegenheid in o.a. de landbouw en toeristische sector.
Behoud en ontwikkeling van het mooie groene Drentse landschap waarin we wonen.
Bijdragen aan cultuur in Drenthe: wat gebeurt er al veel en wat zijn er leuke ideeën!
Bijdragen aan behoud van de Drentse streektaal
Stimuleren verduurzaming door het aantrekkelijker maken van lokale energieopslag (voor het surplus van de eigen zonnepanelen). Denk hierbij ook aan subsidiemogelijkheden, zoals bijvoorbeeld de provincie Flevoland biedt. Met gebruik van lokale energieopslag zullen stroomstoringen minder voorkomen, kan in voorkomende gevallen teruggevallen worden op de eigen noodstroomvoorziening en ervaart de lokale economie en woningbouw minder belemmeringen.
Een kritische blik op de jeugdzorg – In mijn werk heb ik helaas ook gezien dat de wijze van invullen van jeugdzorg niet altijd vanuit het belang van een kind gebeurt, maar het eigen belang van de jeugdzorg dient. Het behoud van een aanbod / de schaalvergroting van zorgaanbieders en het onderliggende verdienmodel helpt niet om de ouders – met hulp van hun sociale omgeving – op verantwoorde wijze in hun kracht te zetten. Ik pleit voor een belevingsonderzoek bij de ouders die met jeugdzorg hebben te maken om duidelijk te krijgen welke noodzaak door henzelf wordt gevoeld en waar de ‘zorg’ over persoonlijke grenzen heengaat. Soms eist het belang van een kind echter een andere oplossing dan in eerste instantie wenselijk lijkt.
Koesteren van het naoberschap ten gunste van alle leeftijdsgroepen – Hierbij denk ik ook aan het gezegde ‘It takes a village to raise a child” (Hillary Clinton). Mijn man en ik vangen als steunouders een kindje op uit een andere Drentse gemeente. Hoe mooi zou het zijn wanneer deze mogelijkheid om kwetsbare kinderen in een veilige omgeving op te vangen, ook binnen de eigen gemeente wordt georganiseerd. Door gebruik te maken van ervaringsdeskundigen in de omgeving vergroot je het sociale netwerk van een gezin. Zodoende hoeft wellicht niet op een minder persoonlijk formeel zorgnetwerk een beroep te worden gedaan. En vanuit onze eigen ervaring: het is leuk, zinvol, uitdagend en zeker betekenisvol.
Ik sta voor een bruisende, veilige en zorgzame gemeente van doeners
waarin respect voor elkaar, luisteren naar elkaar en doorpakken vanzelfsprekend zijn!